Aankoop nabestaandenlijfrente

Aankoop nabestaandenlijfrente

Er komt in 2019 lijfrentekapitaal tot uitkering bestemd voor aankoop nabestaandenlijfrente. De nabestaandenlijfrente dient in principe direct in te gaan na het overlijden. U kunt kiezen voor een levenslange, of tijdelijke uitkering, of een combinatie daarvan. De mogelijkheden om de nabestaandenlijfrente uit te stellen zijn zeer beperkt. De termijn waarbinnen de keuze gemaakt dient te worden voor de aankoop nabestaandenlijferente is wel zeer ruim. U heeft daar meer dan een jaar de tijd voor, vanaf het moment dat het lijfrentekapitaal vrijkomt.

Aankoop nabestaandenlijfrente

Met het lijfrentekapitaal heeft u als begunstigde de keuze uit een bancaire lijfrente met een minimale duur van 5 jaar, of een verzekerde lijfrente met een minimale duur die afhankelijk is van de leeftijd van de begunstigde.

Om de mogelijkheden die u hebt met het vrijgevallen lijfrentekapitaal  te kunnen bepalen, moet er eerst stil gestaan worden bij de vraag: valt de nabestaandenlijfrente onder het oude-, of nieuwe lijfrenteregime?

Aankoop nabestaandenlijfrente onder nieuw regime

Het lijfrentekapitaal valt onder het nieuwe regime, wanneer een van de volgende situaties van toepassing is;

  1. de lijfrente is afgesloten tegen koopsom op of na 1 januari 1992, of
  2. de lijfrente is tegen premiebetaling afgesloten op of na 16 oktober 1990, of
  3. de lijfrente is afgesloten tegen premiebetaling voor 16 oktober 1990 en de premie werd daarna verhoogd en/of de premiebetaling is na 31 december 2000 doorgelopen.

Voldoet de lijfrente aan één van de bovenstaande criteria? Dan geldt het nieuwe regime voor de aankoop nabestaandenlijfrente.

Lees meer/minder

Ingang en duur nabestaandenlijfrente nieuw regime

Ingang

De nabestaandenlijfrente dient direct na het overlijden in te gaan. De enige uitzondering hierop is de samenloop met het recht op een uitkering uit hoofde van de Algemene Nabestaandenwet (ANW). In het geval van samenloop met de ANW-uitkering mag de nabestaandenlijfrente uitgesteld worden, tot het moment dat de ANW-uitkering stopt. U heeft de vrije keus bij welke uitvoerder u de nabestaandenlijfrente wilt uitstellen.

Duur

Valt de keuze op een bancaire lijfrente, dan is de minimale duur 5 jaar. Voor een verzekerde nabestaandenlijfrente geldt, dat de duur afhankelijk is van de leeftijd van degene die de lijfrente ontvangt. Hoe jonger de ontvanger is, hoe langer de duur van de uitkering moet zijn. De minimale duur van een verzekerde nabestaandenlijfrenteuitkering is 2 jaar.

Kinderen jonger dan 30 jaar

Voor kinderen geldt, dat wanneer de uitkering ingaat voor de 30-jarige leeftijd, de uitkering uiterlijk eindigt bij het bereiken van de 30-jarige leeftijd.

Algemene informatie nieuw regime nabestaandenlijfrente

Wat verder nog van belang is voor een nabestaandenlijfrente onder het nieuwe regime vindt u onder ‘Algemene keuze mogelijkheden’.

Aankoop nabestaandenlijfrente oud regime

De lijfrentepolis valt onder het oude regime in het geval dat de polis aan één van de onderstaande criteria voldoet;

  • de lijfrente is tegen koopsom gesloten voor 1 januari 1992, of
  • de lijfrente is afgesloten tegen premiebetaling voor 16 oktober 1990 en de premie werd daarna niet meer verhoogd en de premiebetaling is gestopt uiterlijk op 31 december 2000.

Voldoet de lijfrente niet aan een van de bovenstaande criteria? Helaas, dan geldt het nieuwe rigime. Voldoet de lijfrente wel aan een van de criteria? Dan geldt het nieuwe regime voor de aankoop nabestaandenlijfrente.

Lees meer/minder

U hebt onder het oude regime een 4-tal keuzemogelijkheden:

  1. Uitkering ineens (afkoop).
  2. Schenken.
  3. Einddatum verlengen.
  4. Aankoop direct ingaande lijfrente.
1. Uitkering ineens

Onder het oude regime kunt u de lijfrente afkopen en het bedrag in een keer ontvangen. In dat geval rekent u progressief af, zonder dat u een boete verschuldigd bent. Van deze mogelijkheid kunt u maximaal tweemaal gebruik maken.

2. Schenken

Er zijn twee verschillende mogelijkheden voor het schenken van uw lijfrente.

Optie 1: 

U sluit een direct ingaande lijfrente af en wijst uw (klein)kind aan als begunstigde voor de lijfrentetermijnen. In dit geval schenkt u de uitkeringen en is er geen schenkbelasting verschuldigd. Uw (klein)kind betaalt over de ontvangen termijnen inkomstenbelasting.

Optie 2: 

U wijst voor de einddatum van de polis uw (klein)kind als onherroepelijk begunstigde aan. U schenkt in dit geval de waarde van de polis. Uw (klein)kind is in dat geval schenkbelasting verschuldigd over de waarde van de polis. De uitkering kan op de einddatum direct ingaan maar ook (gedeeltelijk) worden uitgesteld. In het geval van uitstel behoudt uw (klein)kind alle mogelijkheden onder het oude regime. Uw (klein)kind kan de lijfrente voor de eigen oudedag aanwenden, of bij voorbeeld voor een studie.

3. Verlengen einddatum

U kunt het lijfrentekapitaal onderbrengen bij de uitvoerder van uw keuze. In principe kunt u dus uitstellen tot de uiterste datum die bij de uitvoerder mogelijk is1).

1) Bij verlenging als bancaire lijfrente vervalt het oude regime en geldt er een maximale verlenging tot 70 jaar. Bij verzekeraars is dit doorgaans 75 jaar. Bij uitkering na de uitstelperiode geldt voor de aankoop het nieuwe regime.

4. Aankoop direct ingaande lijfrente


U stort uw lijfrentekapitaal bij een verzekeraar of bancaire instelling en kiest voor een tijdelijke of levenslange nabestaandenlijfrente. U kunt kiezen voor een gegarandeerde uitkering, of een uitkering op basis van belegging. Over de uitkering betaalt u inkomstenbelasting.

Algemene keuze mogelijkheden

Redelijke termijn aankoop/uitstel nabestaandenlijfrente

De termijn waarbinnen met het lijfrentekapitaal een keuze gemaakt moet worden is ruim. De keuze voor uitstel, of de aankoop van de direct ingaande nabestaandenlijfrente dient te worden gemaakt voor 31 december van het 2e jaar volgend op de vrijval van het pensioenkapitaal. Wordt de termijn overschreden, dan ziet de fiscus dit als afkoop van het pensioen met alle fiscale consequenties van dien.

Afkoop kleine lijfrente aanspraak

Wanneer de uitkering van lijfrentekapitaal bij overlijden in 2019 minder bedraagt dan € 4.404,00, kan er een beroep gedaan worden op de ‘Afkoopregeling kleine lijfrenten’. In dat geval is er geen boete verschuldigd. Uiteraard moet er wel progressief afgerekend worden over de uitkering.

 Bancaire of verzekerde nabestaandenlijfrente?

Sinds 2008 is het voor banken en beleggingsinstellingen ook mogelijk om fiscaal gefaciliteerde producten te verkopen. Hierdoor heeft u als consument een ruimere keuze. Onder “meer” zijn de belangrijkste verschillen tussen de bancaire en verzekerde lijfrente weergegeven.

Lees meer/minder

OnderwerpVerzekerde lijfrenteBancaire lijfrente
LooptijdTijdelijk en levenslang mogelijkMaximaal tot 20 jaar na AOW leeftijd
Minimum looptijdAfhankelijk van leeftijd. Minimaal 2 jaarMinimaal 5 jaar
Kapitaalvernietiging bij faillissementJa. Geld weg bij faillissementNee. Deposito garantiestelsel, tot € 100.000,00 per bank
Eeerbiediging oude regimeJaNee. Altijd nieuw regime
Kapitaalvernietiging bij overlijden gerechtigde(n)Ja. Sterftewinst voor verzekeraarNee. Uitkering gaat door op erfgenamen

© Frans Bekker

Terug naar overzicht