Belastingaangifte en scheiding

Belastingaangifte en scheiding

De belastingaangifte in het jaar van scheiding is een lastige klus. De mate van complexiteit van de aangifte wordt helaas vaak onderschat. De belastingdienst vermoedde al langer dat er bij de belastingaangifte veel fouten worden gemaakt door scheidende stellen. Uit een representatieve steekproef onder een kleine 2000 belastingplichtigen blijkt dit nu te kloppen. Reden waarom de belastingdienst de voorlichtingscampagne “Voor wie verder wil maar niet samen” is gestart.

Vaak wordt de complexiteit van de materie onderschat. Met name in relatie tot de renteaftrek voor de eigenwoning worden er vaak fouten gemaakt. Daarnaast worden er, naar nu is gebleken, veel fouten bij het aanvragen van bij voorbeeld kinderopvangtoeslag gemaakt. Ruim 50% van de eigenwoning bezitters vult de aangifte verkeerd in. Dit in tegenstelling tot 20% onder huurders van een woning. Dit alles zal ongetwijfeld liggen aan het oerwoud aan wet- en regelgeving.

Aftrekbaarheid eigenwoningrente

Gebleken is dat het geen uitzondering is dat beide partners de volledige hypotheekrente aftrekken. Dit kan liggen aan miscommunicatie, of het gegeven dat beiden van mening zijn dat zij recht hebben op 100% aftrek. Schuld volgt bezit is voor de fiscus voor de woningrenteaftrek het uitgangspunt. Zodra het verzoek tot echtscheiding is ingediend is de goederengemeenschap ontbonden. Dit betekent dat beiden 50% aandeel hebben in zowel het bezit als ook de schuld. Daar mag de conclusie uit getrokken worden, dat beiden recht hebben op 50% van de hypotheekrenteaftrek. Voor de aftrekbaarheid moet de rente verder:

  • verschuldigd zijn door degene die de aftrek geniet en
  • daadwerkelijk betaald zijn door degene die de aftrek geniet.

Wanneer de hypotheeklasten door ieder voor het eigen aandeel van 50% worden betaald, is de rente voor beiden aftrekbaar. Maar hoe zit dit nu wanneer één van beide de volledige hypotheeklasten betaalt?

Voorbeeld niet aftrekbare hypotheekrente

Richard en Christel gaan scheiden. Christel werkt parttime en heeft een klein inkomen. Zij is voor de kosten van levensonderhoud afhankelijk van de partner- en kinderalimentatie. De rechter heeft besloten dat Christel, in ieder geval voor de duur van de scheidingsprocedure, in de echtelijke woning kan blijven wonen. Richard dient naast de alimentatie ook de hypotheeklasten te dragen in deze periode. Richard voldoet aan het vereiste dat hij de hypotheekrente daadwerkelijk betaalt en daarnaast is hij tot de betaling verplicht op grond van de beschikking van de rechter. Kan Richard nu de volledige door hem betaalde hypotheekrente aftrekken? Het antwoord hierop is nee!

De groep belastingplichtigen die in een scheiding verwikkeld zijn, hebben op dit moment de warme aandacht van de belastingdienst. Je kunt er dan ook de klok op gelijk zetten dat Richard een naheffingsaanslag ontvangt over de helft van de afgetrokken hypotheekrente. Christel die in dit geval waarschijnlijk niets heeft aangegeven, krijgt naar alle waarschijnlijkheid ook nog een naheffingsaanslag.

Richard

Richard kan 50% van de door hem betaalde hypotheekrente aftrekken als eigenwoningrente. Daarbij geeft hij 50% van het eigenwoningforfait (Ewf) op als inkomsten eigen woning. Wil hij de andere 50% van de hypotheekrente aftrekken, dan dient hij dit bedrag als partneralimentatie hypotheekrente aan Christel te betalen. Deze partneralimentatie is voor Richard fiscaal aftrekbaar. In zijn aangifte trekt Richard ook 50% van het Ewf als alimentatie af, in verband met in natura verstrekt woongenot aan Christel.

Resumé gevolgen voor Richard

  • Per saldo trekt Richard op deze manier de volledige rente af, 50% als eigenwoningrente en 50% als betaalde alimentatie hypotheekrente.
  • Hij telt 50% van het Ewf bij en trekt 50% van het Ewf af als alimentatie woongenot. Dit valt dus tegen elkaar weg.

Christel

Christel op haar beurt, betaalt haar deel van de verschuldigde hypotheekrente met de daarvoor ontvangen alimentatie. De alimentatie hypotheekrente geeft Christel bij haar inkomen op. Christel trekt het door haar betaalde deel van de hypotheekrente vervolgens af. Daarbij geeft Christel 50% van het eigenwoningforfait op als inkomsten eigenwoning.  Daarnaast geeft Christel 50% van het eigenwoningforfait op als ontvangen alimentatie in de vorm van woongenot.

Resumé gevolgen voor Christel

  • Voor Christel vallen de renteaftrek en de bijtelling van de alimentatie hypotheekrente tegen elkaar weg.
  • Over de alimentatie hypotheekrente is zij inkomensafhankelijke zorgpremie verschuldigd.
  • Over de alimentatie woongenot en over de bijtelling van het Ewf (tezamen 100% van het Ewf) betaalt Christel inkomstenbelasting.
  • Over de alimentatie woongenot is Christel inkomensafhankelijke zorgpremie verschuldigd.

Verhuisregeling

Voor Richard is de scheidingsregeling eigenwoning van toepassing. Dit houdt in dat hij vanaf het moment dat hij uit de echtelijke woning is vertrokken, hij nog twee jaar de door hem betaalde eigenwoningrente kan aftrekken. Na die periode verhuist zowel zijn aandeel in de hypotheek als ook zijn aandeel in de woning naar box 3. Vanaf dat moment is zijn verschuldigde 50% van de totale hypotheekrente niet meer aftrekbaar. Komt de woning vervolgens leeg in de verkoop? In dat geval geldt de verkoopregeling eigenwoning.

 

Wanneer de echtelijke woning leeg in de verkoop staat, is de verkoopregeling van toepassing. Voor beiden blijft het aandeel in de verschuldigde rente als eigenwoningrente aftrekbaar gedurende het lopende kalenderjaar en de drie daarop volgende kalenderjaren. De scheidingsregeling en verkoopregeling cumuleren niet. Dit houdt voor Richard in dat wanneer de woning leeg in de verkoop komt, de verkoopregeling wordt geacht te zijn ingegaan op de dag van zijn vertrek uit de echtelijke woning. De verkoopregeling gaat voor Christel in op de dag van haar vertrek uit de woning.

Geef de belastingaangifte in het jaar van scheiding uit handen aan een specialist. Op die manier wordt een onaangename verrassing achteraf voorkomen. BFPA verzorgt het gehele begeleidingstraject inclusief aangifte. BFPA neemt daarbij ook de nazorg voor haar rekening. Voor de belastingdienst is BFPA in dat geval het aanspreekpunt.

BFPA verzorgt het bezwaar, of beroep en doet gecorrigeerde aangifte. Ook nazorg in relatie tot de afwikkeling met de fiscus komt voor rekening van BFPA.

Het corrigeren van aangiftes kan tot vijf jaar terug. In geval van twijfel controleert BFPA tot vijf jaar terug de aangiftes en corrigeert deze indien nodig. Ook de nazorg in relatie tot de afwikkeling met de fiscus komt voor rekening van BFPA.

Nog één keer samen belastingaangifte doen

Het kan voordelig zijn om over het jaar van scheiding nog een keer samen aangifte te doen. Op die manier kunnen alle posten nog één keer zo voordelig mogelijk worden verdeeld. Kon dit in verband met de onderlinge verhouding in het jaar van aangifte nog niet? Doe dan een gezamenlijke gecorrigeerde aangifte als de aangifte nog geen vijf jaar geleden was.

Conclusie

In dit bericht is er één voorbeeld van wat er met de belastingaangifte fout kan gaan uitgelicht. Iedere situatie bij scheiding is anders. Alle eventuele valkuilen uitlichten is een onmogelijke opgave. Moet de belastingaangifte nog gedaan worden? BFPA begeleidt de gehele fiscale afwikkeling, inclusief het vastleggen van de afspraken en de belastingaangifte. Twijfel je over de juistheid van gedane belastingaangifte? Laat deze dan controleren en waar nodig corrigeren. Heb je een naheffingsaanslag ontvangen? Laat het bezwaar en de gecorrigeerde belastingaangifte dan door een specialist verzorgen.

Volledige begeleiding scheidingsprocedure

BFPA kan ook de volledige begeleiding van de scheidingsprocedure verzorgen. Je leest hierover meer onder “Uit elkaar gaan“.

© Frans Bekker

Terug naar overzicht